Het tiende gebod

Nou heeft zelfs Mies Bouwman, of all decent people, Mies, op haar 86e, bijna 87e, “NEUKEN” gezegd op de tv. Bij Matthijs. Er is niets meer heilig. De laatste huisjes van die aard stortten in.

Er zijn bibliotheken met suggestief materiaal volgeschreven in de tweede helft van de vorige eeuw over gereformeerden en seks, of gereformeerden en begeerte liever. Laten we het daar over hebben even.
Die tien geboden kon ik aardig volgen. Geen afgoden, niet doodslaan en niet stelen. Prima. Dat ging over daden, daar kon je wat aan doen, of liever, laten. Alleen dat laatste gebod of die twee laatste, afhankelijk van de vraag of je jood, katholiek of grefo bent, want sommigen hakken dat begeergebod in twee├źn, dat laatste is unfair, of…?. En inderdaad dat huis, die os en die ezel konden me gestolen worden, maar de vrouw van de naaste was andere koek. In mijn puberteit dan, zo tegen de tijd dat je gaat lezen, zien en een beetje nadenken over dingen. Aan de overkant bij ons woonde een buurvrouw die zeer het begeren waard was en volgens mij wist ze dat ook. Recht tegenover onze bovenste verdieping woonde ze en als ze zich omkleedde ging er nooit een gordijn dicht. Gij zult niet begeren? Nou de begeerte klotste zo ongeveer over de stenen borstwering van ons balkon. En om nou te zeggen dat ik onder die begeerte leed, nee. Niet onder de begeerte zelf, daar kan je niets aan doen, die is er, onherroepelijk en natuurlijk, maar wel onder het schuldgevoel dat er, opgeroepen door bezwavelde preken, mee gepaard ging. Dat is het oneerlijke.

Mijn rk-straatgenootjes die me af en toe betrapten op die speciale afwezige blik als ik die buurvrouw op straat zag zeiden tegen me dat ik beter kon gaan biechten toen we erover doorpraatten, dat was beter voor dat schuldgevoel, je kon het maar kwijt zijn immers, maar ik was grefo, niet rk dus er werd niet gebiecht. En er met je moeder over praten ging al helemaal niet. Volgens opa waren gedachten vrij en zelfs meningen mocht je uiten. Dit moest een vergissing zijn van de joden, een vergissing die veel zwaarmoedigheid bij dat volk had veroorzaakt. Maar hij, opa, overtuigde me alleen op het niveau van de redelijkheid. Hoe meer plezier ik kreeg aan vrouwelijk schoon, hoe meer het opborrelen van het oude aangeleerde schuldgevoel me voor raadsels bleef stellen. Waarom blijft dat bij me? Ik begon naast dat schuldgevoel een tweede ‘natuurlijke en onmiddellijke’ reactie te ontwikkelen: het wantrouwen tegenover dat schuldgevoel. Die verwarde 13-jarige, hij bleef lang bij me.

Later, tijdens mijn studie, kwam ik in kontakt met de kant van de vrouwelijke reactie op mannetjesgedrag. Op versieren en staren, op gestuurde aanrakingen. Het schuldgevoel kreeg een nieuwe dimensie. De woorden “De vrouw als lustobject” kregen een bijna criminele lading, terwijl dat tot dan gewoon een vorm van realiteit zonder aanvullende vraagtekens was (op dat begeergebod of liever -verbod na). De verwarring groter dus. Schuldgevoelens dieper en het verzet van het wantrouwen groter… Intussen wist ik allang dat inderdaad men vrij is om te denken wat men wil en kende ik de vrijheid van meningsuiting. Maar kennelijk sprak mijn postpuberale gezicht soms hormonaal unvollendete boekdelen bij het zien van een mooie vrouw want er werd een enkele keer zelfs zeer boosaardig gereageerd op mijn reactie op vrouwelijk schoon. Michelle Obama bracht dat van de week nog eens scherp onder woorden.

Het is op dit punt dat ik, kijkend naar Zijne Narcistische Walgelijkheid Trump, glimpen proef van herkenning. Ik praat niets goed, in tegendeel. Het gaat om beschaving en de leider van het machtigste land ter wereld… Juist. Maar hoe dun is het ijs hier? Hoe sterk en stabiel is dat laagje op dit deel van de beschaving? Hoe gemakkelijk wordt hier de aardkorst warm boven een stroom kokende lava? En hoe sterk is het rooster dat de aardkorst in bedwang moet houden? Hoe sterk moet het zijn? Welke eisen mogen hier worden gesteld?
En eerlijk, hoe vaak taxeer ik het lijf van een vrouw niet, zonder erbij na te denken dat ik dat doe? Hoe vaak vind ik een vrouw ‘lelijk’? (voordat het superego me meldt dat ik dat niet zou moeten doen en me corrigeert bedoel ik). Oh ja mannen ook, maar dat gaat vrijwel nooit gepaard met gevoelens. Hoe vaak dwalen tijdens een gesprek met een mooie vrouw mijn ogen niet af? Ouwehoeren als mannen onder elkaar? Gebeurt. Alleen, in de kleedkamers van mijn wereldje werd er alleen over voetballen, werk, blessures, feesten en muziek gepraat, en een enkele keer over vrouwen, maar brallende opscheppers als Trump lagen links en bleven links liggen.

Op weinig gebieden vraagt onze beschaving met zoveel hardheid en nadruk, om niet alleen juist niet vrij te zijn in wat je denkt (en begeert), maar om ook je mening maar voor je te houden, als op het terrein van de relatie tussen de seksen. De mensenrechten even opgeschort dus. Mijn erin gehamerd schuldgevoel speelt hier nog steeds gemakkelijk op (maar toegegeven, het wantrouwen bloeit ook nog). En er is nog zo’n ingehamerd gevoel, en dat is dat ouders en leiders het goede voorbeeld moeten geven. De kracht van een beschaving wordt het meest op de proef gesteld op die punten waarop het individu het gemakkelijkst zwak wordt. Rond graaien, naar geld en pussy’s en zo. Juist hier dus, waar het ijs het dunst is, is macht het meest kwetsbaar. Ik vrees dat ik de vonken begrip en herkenning voor the Donald maar radikaal doof.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *