Uitgelicht bericht

Dwaaloog Dolleman en Ina Damman in een geel hesje

Ok, duidelijk. Een staaroperatie stelt geen klap voor. Geen pijn of irritatie. Beetje voorzichtig zijn na afloop en wat druppelen. Niks aan de hand. Dat wil zeggen tot het tweede oog ook is gebeurd. Ik zit er nu tussenin, tussen de twee operaties en ik word moe en dwarrelig van het voortdurend over elkaar heen schuiven van twee beelden. Een kleine en een grote (het rechteroog achter een brillenglas vergroot) een helder en een wat gelig. ik krijg ze niet gecombineerd en dat leidt ertoe dat ik merk dat mijn hersentje de ogen laten dwalen en zoeken. Ik raak er suf van en wat naar binnen gekeerd. Slaap tien uur per nacht of soms meer (anders max 7) en raak soms ook sneller geïrriteerd. maar allee. Nog een paar dagen niet of nauwelijks in de auto of de fiets (eigenlijk is elke vorm van deelname aan het verkeer een waagstuk nu) en wat meer lezen met één oog dicht.

Dat lezen…. Na de koperen tuin van Vestdijk, begonnen aan het ultieme jeugdsentiment via Vestdijk: deel 1 van de Anton Wachter-reeks: Ina Damman. Ik was 14 toen ik ze las. En er waren veel parallellen. Anton was bangig en werd gepest. Ik had alle reden tot bang zijn, want ik was een jaar jonger dan de rest omdat ik op de lagere school een klas had overgeslagen. Ik werd niet gepest, maar hield me als underdog ook zeer gedeisd. Ik zat dan wel niet op de HBS in Lahringen (Vestdijks’ Harlingen) maar in Vlaringen (Schiedams voor Vlaardingen). En ik had een hekel aan die HBS met zijn grote ruwe jongens, het eind fietsen over de dijk elke dag, de soms ontzagwekkende leraren. Anton werd in de tweede klas verliefd, op Ina. Ik in de derde (ik was ook een jaar jonger) op Elly. Die ik jaren later wist te strikken, Els ben gaan noemen,  en waarmee ik nu bijna 50 jaar getrouwd ben. Ik weet nog dat ik die boeken verslond toen, die Vestdijk-sfeer. Die verstikkende burgerlijkheid. Een emotioneel sterk uitvergrote replica van het soort stormpjes die mijn gemoed toen teisterden, zoals het ongeloof dat zo’n onaards mooi meisje ooit iets van me zou willen weten, de verlamming van mijn tong als ik met haar zou mogen praten, de pogingen om me haar gezicht voor de geest te halen als ik haar niet zag, het onvermogen om me op mijn huiswerk te concentreren als ik aan haar dacht. En nu al lezend, merk ik dat het boek me niet boeit en dat de herinneringen diep zijn weg gestopt, onder lagen met nieuwe en anderssoortige onzekerheden. Het mijmeren is aardig….

Wat wel tot me doordringt is de sousah om de gele hesjes. Ik krijg de indruk dat er al veel exegeten zijn, Duiders, zie-je-wel-roepers. Sommigen hebben belangen, want ze proberen taal uit te slaan die de opstandige mensen moeten verleiden zich tot hun kamp te bekeren, Buma, Baudet en Wilders bijvoorbeeld. Ik voel me een zie-je-wel-roeper. Ik meen dat er al een tijd een lijn in mijn blogs zit, een lijn die te maken heeft met het doorzien “woordvoerders-spin” van one-liners, met boosheid om de afbraak van de verzorgingsstaat en toenemende inkomensverschillen.  Ik erger me er kapot aan dat de zorg met grote bezuiniging gepaard gaand wordt gedecentraliseerd “omdat de gemeente dichter op de burger zit” en de politie (die vaak te maken heeft met dezelfde gecompliceerde meervoudige problematiek bij dezelfde jongeren als de jeugdzorg) gecentraliseerd tot een landelijke politie. In beide gevallen worden alle checks and balances, alle correctie- en verbindingslijntjes verbroken en kapot gemaakt en wordt de aansturing in handen gelegd van mensen die het niet kunnen, ook omdat alle oude aansturingsmechanismen kapot zijn gemaakt. Het gebeurt door dezelfde regering. Om machtspolitieke en financiële redenen, niet om inhoudelijke, want dan zouden de redeneringen niet zo met elkaar in strijd zijn. De burger ziet het gebeuren….en gelooft haar leiders niet meer.  De troep is groot. “But it all makes perfect sense… Expressed in dollars and cents” (Roger Waters).  
Zo erger ik me al jaren eraan kapot dat de lonen in de zorg en bij de overheid, bij het onderwijs en de politie niet omhoog gaan met de markt mee. Het kabinet strijd voert met bonden om dat te bereiken en met dezelfde adem sprekend de bestuurders van onderwijsinstellingen een salarisstijging van meer dan 10% gunt. Zo erger ik me kapot dat mensen met een uitkering een inkomensstraf krijgen als ze een onbegrijpelijke brief verkeerd hebben gelezen, maar de ING-top niet wordt vervolgd wegens witwassen. Zo erger ik me al jaren kapot aan de belasting-ontwijking van multinationals en haar aandeelhouders en ziet het er nu naar uit dat ook deze weer relatief worden ontzien bij klimaatmaatregelen, terwijl ze meer dan 50% van de CO2-uitstoot leveren. Schiphol groeit. De gewone man die tickets koopt moet 7 euro vliegtaks betalen. Het is niks, druppels op een gloeiende plaat om de luchtvaartsector te ontzien terwijl de lasten van die druppels bij de vakantiegangers vallen.  “But it all makes perfect sense… Expressed in dollars and cents”. 

Als dit is wat de gele hesjes beweegt begrijp ik ze. Een politieke elite die de zwakken straft en de sterken ontziet, die de zwakken belast (omdat er nu eenmaal veel meer van zijn) en de sterken 4 miljard lastenverlichting bezorgt, die bestuurders de ruimte gunt van een loonsverhoging ter grootte van een heel salaris van hun medewerkers… dan moet je toch wel haast alle vertrouwen in die elite verliezen. Of ze nu in de politiek zitten of in de markt. In 2008 hadden we een gigantische economische crisis. Op papier zijn we er weer boven op. De veerkracht van het bedrijfsleven is zo groot dat we tegenslagen binnen tien jaar te boven zijn. We mochten willen dat het klimaat en de natuur een vergelijkbare veerkracht hadden. Maar onze elites zijn bezorgder om Shell en Unilever dan over mijn kleinkinderen. Is dat ook de kern van de protesten? 
Maar die gele hesjes… die keren zich tegen van alles, tegen klimaatmaatregelen, tegen buitenlanders en vluchtelingen, Het lijkt een berg ongericht ongenoegen waar ongetwijfeld ook weer van die Twitter- en Facebook-bots achter zitten. Er zijn teveel partijen die belang hebben bij wanorde en het vallen van regeringen (zoals in België).

Ik heb dwaalogen, zie wazig en vul met mijn hersentje in wat mijn ogen niet goed waarnemen. Zo lang dat gaat om de dagelijkse dingen als een glas op tafel zetten (in plaats van op het randje) lukt dat aardig. En het nu dagelijkse  “Rutte rot op” resoneert wel wat na 8 jaar sloopwerk aan de verzorgingsstaat. Alleen ik meen te zien dat het alternatief van ultrarechtse domme schreeuwers me nog veel minder aanstaat.  Toch maar weer een eigen partij oprichten? Zal wel zien als ik weer wat beter zie….

Still Bill and bad me

Ja, waar ook, Bill heette hij, net als de cursusleider. Amerikaan, ergens uit het midden van het land. Maar hij was stil, op het zwijgzame af, bescheiden en diep gelovig. Een training van zes weken, gespreid over een jaar, voor het leren begeleiden van dialoog, de kunst van het samen denken via de kunst van het goede gesprek. Typisch dat zo’n stille bescheiden man tussen mensen van de wereld van de woorden, de openheid over denkbeelden en wil, een rol wilde leren spelen in het verbeteren van de wereld via woorden, via moedige confrontaties… Hij leek er niet te horen.

Alle sessies vonden plaats in Stage Neck Inn in York Harbour, New Hampshire, daar waar de York River de Atlantische Oceaan in stroomt. Een paar rotsen, een meter of 15 boven zeeniveau in een min of meer vlakke wereld, daar stond het hotel. Ik heb daar uren gezeten, in alle soorten weer, buiten, op die rotsen in dialoog met mezelf. Het was een soort “oude plek”, een plaats met historie, waar ooit ceremonieën of feesten plaatsvonden. Soms leek ik dat te kunnen voelen. De keer dat ik er het langst zat, was na een oefening met Bill.

De kunst van het goede gesprek, dat was het toen, die oefening, de derde cursusweek, februari. Stormachtig, regenachtig en koud was het. We werden gevraagd om de dialoog in een gesprek tussen twee mensen dat niet goed afliep uit te schrijven. Liefst zo exact mogelijk. Met in een tweede kolom, parallel ernaast, dat wat je dacht maar niet zei, toen je luisterde naar je gesprekspartner en ook toen je zelf sprak. Bij de meesten en ook bij mij, werden dat twee gesprekken die nogal van elkaar verschilden. Vervolgens werden we gevraagd die dialoog na te spelen met een met een van ons als tegenspeler en een ander als waarnemer… en vervolgens weer in een derde kolom opnieuw te noteren wat er door je heen ging tijdens deze oefening. De laatste stap was het aan jezelf vertellen wat je anders zou hebben gedaan met de kennis die uit de oefening bovenkwam en dat met je partner bespreken of zelfs uitspelen als je daarvoor de tijd had. Ik heb geen enkele herinnering aan mijn eigen inzet van de oefening. Het was Bill…..

Hij had net promotie gemaakt en een spannende opdracht gekregen voor de ontwikkeling van iets nieuws op de markt van zijn bedrijf, toen zijn CEO en opdrachtgever zijn vertrek aankondigde en zijn opvolger voorstelde. Er zou een overlap zijn van een maand. De oude CEO bleef zijn gesprekspartner aan wie hij wekelijks rapporteerde. In de derde week kwam de nieuwe CEO zijn kamer binnen en vroeg hoe zijn project liep en waarom hij aan de oude rapporteerde en niet aan hem.  Het gesprek escaleerde binnen twee minuten. De promotie werd teruggedraaid en het project aan een andere collega gegund.

”wacht even Hero. Je moet niet als je zelf. Je bent te zachtmoedig.” Hij wees naar een vierkante hoekige macho-Shell-man, “probeer je voor te stellen hoe Jeb dat zou doen… glimlachend, maar als staal”. Dat was na mijn eerste zin. Bill had in mijn bijzijn nog niet zoveel woorden achter elkaar gesproken. Ik probeerde het. De hele training was erop gericht te leren luisteren, het invoelend vermogen te vergroten en nu opeens moest ik niet alleen stappen terug, maar voorbij mijn begin, veel kouder en harder. De regen sloeg tegen het raam. Die kant moest ik op. Koud, zonder aanzien des persoons….

Kennelijk deed ik het nu goed. De eerste zin luidde: “hi Bill, I’m coming to you to get informed about your project. Since you are not coming to me I thought I might as well come to you and ask you directly how you are doing and what the probleem is you do not want to tell me about yet”. Niet alleen regen en wind, ook hagel kennelijk. Bill kromp. Zijn gezicht veranderde, zijn stem werd hoger en meer aarzelend. Hij brabbelde iets over geen problemen en afspraken met de oude CEO die dit in de overgangstijd onder zijn hoede zou hebben. Hij keek of hij wou vluchten. Ik vroeg hem nu zonder glimlach of hij mijn autoriteit ter discussie wou stellen. Hij kromp nog meer. Zweet parelde op zijn voorhoofd en bovenlip. Hij hief afwerend zijn handen op. Nee, nee, dat was het niet. Afspraken…. ik vroeg hem hoe het kan dat iemand op zijn niveau niet direct de nieuwe wind had omarmd en waarom hij loyaal bleef aan het oude, het verleden. Hoe het kon dat iemand die een nieuwe marktbenadering moest ontwikkelen niet direct de leider van de toekomst had opgezocht en wat barser nog: “Bill, this needs to be perfectly  clear, where lies your loyalty.” Ik rook hem nu. En weer begon de arme man een verhaal dat langer was dan in zijn script van het gesprek stond. Over de vertrekkende man, die het project als zijn ultieme afscheidsgeschenk aan de organisatie zag en … en… dat voor Bill loyaliteit een basiswaarde was in zijn leven…  zonder aanzien des persoons, voor de organisatie en hen die boven hem stonden en… en… Hij zweeg plotseling. Ik moest nu iets zeggen over dat ik not amused was en hij nog van me zou horen…. maar er gebeurde iets in me….

Ik keek naar de gekrompen sukkel tegenover me, alle weerbaarheid was weg. Hij zweette nu uit al zijn poriën. Een konijn, gevangen in de koplampen van de macht. En ik was de macht…er was geen reden tot remmen, waarom nu niet afronden? Waarom “later nog horen”? Waarom niet ter plekke de vernedering completeren met ontslag, doodstraf, definitieve verwijdering? Op welke grond kan hij zich beroepen voor clementie? Ik heb nu alle knoppen en handels… iemand die zo zwak is had nooit dit niveau… ik rook bloed en wou het proeven ook. Er stroomde iets door mijn aderen, een killer-hormoon. Ik schrok van mezelf. Ik sprak de laatste zin van het script volstrekt ongeloofwaardig uit.

We trokken ons allebei terug. Ik zag nu pas dat de derde man, de waarnemer, beduusd keek. Ook hij had een wereld geproefd onder de woorden die op papier stonden en werden voorgespeeld. Ik ging naar buiten, de regen was gestopt, stak een sigaret op en begon steeds meer te walgen van mijn reactie. Weer binnen zag ik Bill en de derde man zwijgend zitten. “Nou Bill, hoe was het en wat zou je anders doen?” zei de waarnemer toen we bij elkaar zaten. “Nothing, this is me” zei Bill. Het was weer schokkend vernederend geweest, desastreus. Beangstigend vooral. Hij complimenteerde me met hoe ik in mijn rol was gegroeid. Echt, alles kwam terug. Ik kreeg kramp in mijn bovenarmen. Vraag me niet waarom daar. Moet ik Bill nou vertellen wat ik echt…? En natuurlijk stelde meneer 3 me die vraag. Onvermijdelijk. Ik besloot eerlijk te zijn. Dat zijn gedrag zo absurd sterk “meneer het slachtoffer” was,  dat het het slechtste in me had boven gehaald en dat ik bang was van mijn eigen impulsen als gevolg ervan.  Er kwam geen derde ronde.

Buiten was het een graad of 5. Het stormde. Het was vloed en het leek alsof de oceaan de River York instroomde. Schuimkopjes op de golven.  Binnen was het kouder. Het leek alsof de laatste twee uur uit mijn hersens werden geblazen en tegelijkertijd er voor eeuwig in geëtst. Dit heb ik dus ook in me. Dit soort impulsen zijn fascistisch. ik ben dat dus ook, als ik me niet… Als er iets is dat ik niet van mezelf accepteer… en er dus wel is… en nu was het maar spel, niet eens echt, nagespeeld….

Bill was de rest van de week nog stiller dan anders. Ik ook eigenlijk.

Crisis in de democratie?

Groot woord, crisis. Maar ik heb een boel alarmbellen. bijvoorbeeld:
Ik heb gisteren tot 2 uur s nachts naar het Britse Lagerhuis zitten kijken, de avond waarop ze vijf weken afscheid van elkaar moesten nemen omdat het in Engeland mogelijk is dat de Koningin op verzoek van de PM het parlement gewoon 5 weken schorst. Dat is al uiterst belachelijk. Op 15 oktober moet het parlement direct beginnen om een wet aan te nemen die regelt dat alleen het parlement over zijn eigen schorsingen gaat en niet een toevallige despoot. Maar het functioneren van de Britse democratie is sowieso uiterst zorgwekkend op het moment.
1. er is spanning tussen de directe democratie en de indirecte: Direct, het referendum, slechte vraagstelling, leugenachtige campagne. nipte overwinning voor Brexit. De gelovers in directe democratie menen nu dat ze gehouden zijn om die Brexit dan ook te leveren, ook als dat bij nader inzien dom is, slecht gefundeerd. Indirect: de grondwet regelt dat de gekozen vertegenwoordiging de baas is. Als die tot betere inzichten komt dan de uitslag van het referendum gaat dat voor. De ellende waar we nu tegenaan lopen is dat al drie jaar de regering probeert to deliver Brexit en het parlement dat tegenhoudt omdat zij gaan over wat dat is en onder welke voorwaarden. Achteraf kan je zeggen dat dat referendum niet alleen inhoudelijk slecht was, maar als een tovenaarsleerling een crisis heeft gebaard
2. Ook in het Britse Lagerhuis is een debat geen debat maar een tv-show. En als je van vechtpartijtjes houdt met een grappige scheids, nog leuk ook. Maar het heeft niets met een gedachtenwisseling te maken. The right honourable gentlemen doen net of ze elkaar horen en begrijpen, naar elkaar luisteren, maar in feite roepen ze alleen hun bekende onwrikbare standpunten naar elkaar. In feite versterken ze de kloof door steeds met nieuwe formuleringen de verschillen te benadrukken. Winnen is niet superieure argumenten hebben, maar de ander aanvallen. En ze doen dat omdat ze weten dat de kijker van vechten houdt in tegenstelling tot de kiezer die gaat voor eerlijk beleid.
3. De kiezer wordt in verkiezingen voorgelogen en bewerkt met slogans die refereren aan vergane glorie en misplaatste gevoelens van trots.

De staatsrechtelijke verhoudingen zijn in de VS net iets anders dan in het VK, maar ook daar zijn we nu al twee decennia gewend aan twee partijen die elkaar tot op het bot bestrijden en verlammen en in hun politieke campagnes er alles aan doen op hun meningsverschillen uit te vergroten tot fundamenteel wantrouwen in de ander en dat wantrouwen, die verdeeldheid op de samenleving over te brengen. Het leidt tot monstrueuze uitkomsten als Trump als President.
Nu is het niet voor het eerst dat een democratie een dictator baart. Hitler en Mussolini zijn eerst in de prille democratie van hun land komen bovendrijven maar hebben daarna met retoriek en trucs diezelfde democratie buitenspel gezet. Maar we maken nu op meer plekken mee, dat er mensen komen bovendrijven (het lijstje is bekend, Turkije, Polen, Hongarije, VS, VK, Brazilië, etc.) die despotisch gedrag vertonen en die lijken te lijden aan een vergelijkbaar symptomencomplex:
a. narcist
b. grootheidswaan en het idee dat ze de wereld redden
c. gebrek aan empathisch vermogen met name voor de kleine man die wel eens ernstig onder hun machtswellust zou kunnen lijden
d. Gokker: en dan een die niet alleen van gokken houdt, maar gewoon verder durft te gaan dan anderen, niet wint omdat hij een betere speler is maar gewoon meer risico’s durft te nemen over de rug van anderen.
e. de neiging hebben om dynastieën te bouwen met familie, vrienden en vertrouwelingen, familieleden regeringsverantwoordelijkheid geven.
f. de pest hebben aan internationale samenwerking en een bom willen leggen waar dat wel plaats vindt.
Het rijtje is bekend. En weer denk ik dat er veel samenhangt met het feit dat veel stemmers een slecht onderscheid maken tussen wat ze op prijs stellen als het over sport en amusement gaat en als het over de toekomst van het land gaat. En media die daarin meer de sensatie dan de educatie zoeken.

Maar laten we in ons eigen land kijken. Bijvoorbeeld. De VVD heeft eens gedacht dat er electoraal gewin te halen was uit stoer doen tegen de misdaad. Ook hier weer, het zal een niet gecoördineerd samenvallen zijn geweest, gepaard gaand met de groeiende aandacht voor misdaad in de media. De sterkste crimefighter uit het OM (die achteraf niet vies bleek van grote deals met kroongetuigen) Teeven werd de politiek in gehaald. Het ministerie van Justitie, dat al jaren bekend stond als een van de zwakste en meest rommelige ministeries, werd plotseling ook verantwoordelijk voor nog eens 60.000 man politie en ging ministerie van Veiligheid en Justitie heten. De politie werd genationaliseerd, zodat de toch al vaak falende leiding van het ministerie echt al die (gedeeltelijk gemeentepolitie) dienders erbij kreeg plus een gigantische klus met die reorganisatie. En, dacht de VVD, we hebben wel de scheiding der machten, Wetgeving (parlement), Uitvoering (regering), en Rechterlijke macht, maar, wat is dan het O.M.? Is dat uitvoerend of rechterlijk? Als we nou toch wat meer te zeggen willen hebben over de misdaadbestrijding, dan moeten we onze invloed op het O.M. vergroten. Het O.M. heeft zich terecht altijd dicht tegen de rechterlijke macht aan als onafhankelijke aanklager opgesteld maar werd nu de laatste jaren steeds sterker dat slecht functionerende superministerie ingezogen. Met dat gevolg dat liberale ministers voelden dat hun imago mede door het O.M. werd bepaald en er dus namens de minister ambtelijke druk ontstond. Zodanig zelfs, dat je je als rechtgeaarde liberaal mag afvragen of de kritiek die we allemaal hebben op Polen en Hongarije dat de regering teveel invloed zoekt op de rechterlijke macht niet ook op Nederland begint te slaan. En alhoewel ik Wilders’ opvattingen en gedrag  uiterst verwerpelijk vind en een veroordeling wegens haat zaaien waardig, is de bemoeienis van het ministerie onder VVD-regie op het O.M. minstens zo betreurenswaardig

We maken er een rotzooitje van, overal in dat mooie vrije Westen. En tegelijkertijd blijken al die democratieën ook nog eens behoorlijk beïnvloed en beïnvloedbaar door het internationale bedrijfsleven, Het gehannes met de auto-industrie en uitstoot, de tabakslobby in Europa, de Landbouwlobby die tot achterhaalde stikstof-maatregelen leidde. de massale belastingontwijking via Ierland, Luxemburg, Nederland en ministaatjes… Allemaal via democratische kanalen vastgelegd in wetgeving en maatregelen.
En wat gaan we maken van het klimaat? En van de problematiek van Afrika? Is de democratie van het vrije westen op dit moment bestand tegen uitdagingen van die omvang? Ik vrees eigenlijk van niet. Misschien krijgt meneer Spengler toch gelijk met zijn Avondland…

Het “hachje” en Filosofie, ethiek, mening, gedrag

Filosoof Maxim Februari zei in Zomergasten (vrij in mijn woorden): ethiek gaat niet over het oordeel, de mening over goed en kwaad, het gaat over het complex aan gedachten, gevoelens en opvattingen dat leidt tot keuzes en gedrag. Het is dat wat aan handelen voorafgaat….

Vier jaar heb ik de filosofiecolleges gevolgd van achternaamgenoot Professor Zuidema en die zei, meen ik mij te herinneren, dat ethiek met name de wetenschap was die onderzocht hoe mensen, individueel en als samenleving omgaan met de dilemma’s rond goed en kwaad en dat men daarin er goed aan doet onderscheid te maken tussen enerzijds de collectieve en gedeelde waarden en daaruit voortvloeiende gebruiken en anderzijds de individuele kant van de mens die voor een keuze staat en diens verantwoordelijkheid daarvoor. Als aankomende socioloog had ik toch vooral oog voor die collectieve kant. En tegelijkertijd was ik altijd het meest gebiologeerd door boeken en films waarin mensen onverwachte keuzes maken.

Voor mij komen die twee kanten van de medaille bijelkaar in de politiek. De politiek gaat normaal gesproken over de dilemma’s en keuzes die het individu overstijgen. Wanneer mag euthanasie en wanneer niet, en hoe borgt men zoiets. Bijvoorbeeld. En niet over, wat doen we met de stervenswens van opa. Of, wanneer is liegen strafbaar? Onder welke omstandigheden, en hebben de gevolgen van de leugen invloed op strafbaarheid en strafmaat? En tegelijkertijd is het de individuele politicus die met zijn of haar keuzen, de toelichtingen daarop, etc. In het openbaar vormgeeft aan die ethiek, aan het onderhoud ervan aan de ontwikkeling ervan. Ja want het collectieve verschuift voortdurend. Zie de discussie over straatnamen van onze koloniale helden. Zie de private straffen in de entertainment van mensen met vroeger getolereerd grensoverschrijdend seksueel gedrag en de druk op het strafrechtsysteem dat overigens droevig lijkt te falen op dit punt.

Maxim’s eerste fragment was een stukje uit een documentaire waarin een burgemeester probeerde de bewoners van een straat verantwoordelijk te maken voor de oplossing van de problemen daar (“een teringzooi” en een eenzame vrouw). Het is (collectief) goed dat de overheid gezamenlijkheid probeert te scheppen in de aanpak van problemen, maar de individuen kregen dilemma’s, moet ik klikken, moet ik corrigerend gaan optreden naar mijn buren? Ben ik mijn broeders hoeder? Heb ik hier iets mee te maken? Wie ben ik dat ik hier iets van zeg? Mooi om te zien.

De individuele politici op dit moment…. tja. Wat zien we ze dagelijks op de buis doen? Okee we hebben een paar extreme gevallen als Trump en Johnson die voortdurend liegen, verdeel- en heerstechnieken toepassen, beledigen, mensen zwart maken, etc. Geen daverend voorbeeld, toch? En ik vind de besmettelijkheid heel zorgelijk. Maar de gewone Nederlandse politica, nee nauwelijks… daar is iets anders mee. Men braakt voortdurendwoordvoerderszinnen uit en daarmee blijkt een ander probleem aan de oppervlakte te komen, namelijk het gaat minder om de inhoudelijkheid van het standpunt en meer om het behoud van de coalitie en ieders plek in het krachtenveld. En dat is het meest kenmerkend aan het individuele niveau: daar gaat het vaak om “het hachje”.

in mijn eigen werkzame leven heb ik vaak voor dit soort dilemma’s gestaan. Zaken waarover je in termen van goed en kwaad, van juist of laakbaar handelen, redelijk snel tot een conclusie kon komen, maar…. de gevolgen van die conclusie, soms is het gezichtsverlies, soms dreiging van ontslag, soms het risico “uit de groep te worden gestoten”…. de kosten van juist handelen kunnen groot zijn en je maakt inschattingen. Soms op basis van concrete uitlatingen van je baas (om met Bommel te spreken, “de grote Knark in wiens handen je je hachje hebt gelegd”). Soms op basis van irrationele angsten, vage aanwijzingen of wijze raad van derden. Ik heb twee keer om dit soort redenen toch ontslag genomen en drie keer een opdracht beëindigd als KPMG-consultant of zelfstandige. Ik heb het krachtenveld rond mijn hachje wel degelijk gevoeld, maar er een aantal keer maar niet aan toegegeven. En soms was ik zelf die “grote  Knark” die weleens terug in zijn hok mocht, zowel voor mezelf als voor mensen wiens ‘baas’ ik dan even was.

In het geval van een “coalitiepoliticus” weet je op basis van eerdere woede-uitbarstingen van Mark, halve kabinetscrisissen en moeilijke fractievergaderingen redelijk goed waar de grenzen liggen en wat de kosten zijn van het overschrijden ervan wanneer het geweten knaagt. En zo zie je D’66-ministers het onderwijs slopen in plaats van versterken, en individuele kamerleden vertrekken die te veel profiel hebben. De spanningen moeten binnenskamers blijven. Maar het zijn nou precies die spanningen en de openbare discussie erover die de ontwikkeling van de collectieve ethiek schragen en ook “gedeeld” maken en dat precies gebeurt dus nauwelijks. Coalitie en oppositie manoeuvreren zichzelf in posities die niet het onderzoek van volgende stappen mogelijk maken maar juist tegenstellingen uitvergroten en discussie doodslaan.

Als de volgende fase van de collectieve ethiek dit wordt, deze proces-ethiek in plaats van echte inhoudelijke…. ja dan is het logisch dat belastingontduiking prima is bij het volgen van de juiste procedure, dat een Brexit prima is omdat een weliswaar rammelend referendum die uitslag had. Niet meer rekenschap over de gevolgen, maar over de spreadsheets en procedures… in magagementland al een tijdje gebruikelijk. Ik leverde 20 jaar geleden al als consultant “kwaliteit” als mijn klant- en opdrachtdossiers in orde waren en mijn gedrag aantoonbaar transparant was geweest. Onzin, daarvoor werd ik niet ingehuurd en betaald. Ook de discussie in de zorg om de wet BIG-2 draait om het vermijden van de echte vraag naar kwaliteit en gevolgen van handelen en duiken politici en beleidsmakers liever weg achter procedures, kwantitatieve kadertjes en dergelijke om de echte kwaliteitsvraag uit de weg te gaan. En het is juist het denken over wat “kwaliteit”  is en hoe het ontstaat en kan worden beschermd die de ontwikkeling van ethiek voedt. En niet de spreadsheet, het diploma, de procedure, het complete dossier, de vestigingseis….

Maxim moet misschien toch nog maar eens terugkomen. En laten we het dan eens hebben over wat er gebeurt als in de politiek individuele en groeps-spanningen en procesdenken het winnen van de echte inhoudelijke ethische thema’s. Er is weer een wereld terug te winnen….